Alleen ik kan dit

Carol Leonnig, Philip Rucker
22,99
Op voorraad
SKU
9789045045207
Besproken in NRC
Bindwijze: Paperback
Voor 23:00 besteld, morgen in huis Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen ook zonder account
Afbeelding vergroten
Meer informatie
Auteur(s)Carol Leonnig, Philip Rucker
ISBN9789045045207
BindwijzePaperback
Aantal pagina's400
Datum van verschijning20210914
NRC Recensie3 ballen
Breedte151 mm
Hoogte230 mm
Dikte38 mm
NRC boeken recensie

Trumps Witte Huis was nog een grotere chaos dan iedereen dacht

Donald Trump In een handvol tell all-boeken over ex-president Donald Trump proberen journalisten de waarheid uit de modder te zeven. Uit alles blijkt dat het in het Witte Huis een nog grotere chaos was dan door velen werd verondersteld.

Donald Trump heeft als president zo vaak gelogen dat je bijna zou vergeten hoe vaak hij ook de waarheid vertelde – een genante waarheid, soms schijnbaar per ongeluk, meestal brutaal of onverschillig.

Voorbeeld: Trump voer een onnavolgbare koers tijdens de coronapandemie. Nu eens kwam hij aanzetten met een wondermiddel dat geen wondermiddel bleek te zijn, dan sprak hij zich uit vóór mondkapjes, dan weer tegen. Hij zei kort na de uitbraak dat het virus in de VS ‘onder controle’ was, sprak later over ‘een plaag’. Hij beweerde dat de VS er wat betreft coronadoden beter voorstonden dan de rest van de wereld en toen hij op tv werd geconfronteerd met statistieken die iets anders lieten zien, zei hij: die mag je niet gebruiken. Een cruiseschip met besmette Amerikanen voor de westkust wilde Trump eigenlijk niet laten aanmeren. ‘Want dan gaan de besmettingscijfers omhoog.’ Een brute waarheid.

Als ze al eens zo’n gedachte hadden gehad, zouden andere Amerikaanse presidenten zoiets hooguit hebben gezegd tegen een naaste medewerker of een vertrouweling. Na de ambtstermijn zou een journalist het dan te horen krijgen en met rode oortjes optikken in een boek. Trump heeft die gedachte onbekommerd gespuid, voor het oog van de camera tijdens een ontmoeting met verslaggevers. De hele wereld kon live meekijken met de regering-Trump.

Die, laten we het ‘transparantie’ noemen, is lastig voor journalisten die zogenoemde tell all-boeken schrijven over presidenten. Trump heeft hun taak verschoven van het bovenhalen van zaken die politici verborgen willen houden, naar het zeven van brokjes waarheid uit een modderpoel van leugens. Daarbij serveren de journalisten ook de omliggende leugens uit. En dan wordt het toch weer een modderpoel.

Het presidentschap van Trump heeft een kast aan onthullingsboeken opgeleverd. In de afgelopen maanden verschenen handenvol boeken over ‘het chaotische laatste jaar van Trump’. Vijf ervan komen hier ter sprake, vier journalistieke verslagen plus de biecht van Trumps woordvoerder Stephanie Grisham, die zich in haar boek verontschuldigt voor het feit dat ze deze president heeft gediend. ‘Ik verloor meer dan eens uit het oog dat ik het lánd behoorde te dienen.’

In een puntige voorbeschouwing van de Trump-boekenvloed schreef The New York Times afgelopen zomer dat auteurs en uitgevers zo zenuwachtig werden dat de verschijningsdatum van boeken werd vervroegd en passages met de meest saillante bevindingen naar de media werden gestuurd. Trump voorspelde het al: ‘de media zullen me nog missen.’

Weerlegging
Wat valt op te maken uit de boeken? Natuurlijk dat het een chaos was op het Witte Huis. De ‘Oval Office’, schrijft Michael Wolff in Aardverschuiving, werd door Trumps medewerkers vergeleken met ‘de barscène uit Star Wars’, zulke vreemde types liepen er binnen.

Verder: dat iedereen in Trumps omgeving met journalisten praatte. Niet alleen achteraf voor een inside-boek, ook terwijl Trump nog regeerde. Ten derde: dat alle min of meer serieuze medewerkers geen hoge pet op hadden van hun baas. ‘Hij heeft nooit kaarten gehad waarmee hij niet zijn hand overspeelde’, zegt Justitieminister William Barr volgens The Washington Post-journalisten Carol Leonnig en Philip Rucker in Alleen ik kan dit. Ten slotte: iedereen weet dat ze alleen in het Witte Huis kunnen blijven als ze de president naar de mond praten. ‘Dat was altijd het oogmerk: de president ervan verzekeren dat hij gelijk had’, schrijft Wolff. ‘Trump was de afwezige, warrige vader die wij allemaal wilden behagen’, schrijft Grisham in I’ll Take Your Questions Now, een sarcastische titel voor de vrouw die, in de driekwart jaar dat ze woordvoerder van het Witte Huis was, geen enkele persconferentie heeft gegeven.

De vier journalistieke verslagen worstelen allemaal met de paradox van de transparantie. In de eerste plaats heeft Trumps ‘openhartigheid’ als president het effect dat de lezer van al die goed gereconstrueerde scènes, boven water gehaalde documenten en (doorgaans anonieme) getuigenissen of analyses van naaste betrokkenen, denkt: heb ik dit niet al eens eerder gelezen? Trump zal daarvan genieten. Als iedereen vergeet wat werkelijk gebeurt en wat niet, kan hij zowel volhouden ‘ik heb het wel gedaan’ als ‘ik heb het niet gedaan’.

Gelogen of niet?
In de tweede plaats vergeten de journalisten, in hun ijver om een gebeurtenis nauwkeurig te reconstrueren én een spannend verhaal te vertellen, nogal eens aan te tekenen of een opmerking van Trump gelogen is of niet. Dat geldt het minst voor Bob Woodward en Robert Costa, die samen Peril schreven – na Fear (2018) en Rage (2020) het derde boek dat Woodward aan Trumps presidentschap heeft gewijd. Zij trekken een hoofdstuk uit voor de juridisch adviseur van de Republikeinse senator en Trump-vertrouweling Lindsey Graham. Als Trumps advocaten memo’s hebben opgesteld om te bewijzen dat de presidentsverkiezingen oneerlijk zijn verlopen, stuurt de senator die stukken naar zijn raadsman. Deze Lee Holmes neemt ze door en doorziet onmiddellijk dat de beweringen geen hout snijden of lijken te zijn verzonnen. ‘Hoe zou iemand, of zelfs een heel team van academische topstatistici in staat zijn geweest om 7,6 miljoen geregistreerde kiezers door te lichten en hun gegevens te koppelen aan data van de posterijen om 18.325 kiezers te vinden die op adressen wonen die leeg staan’, schrijven Woodward en Costa, die duidelijk met Holmes zelf hebben gesproken. Holmes probeerde op internet databestanden te vinden die een begin van zo’n onderzoek mogelijk zouden maken en vond er geen.

Dat is een heldere, goed uitgezochte weerlegging van Trumps ‘grote leugen’. Maar op het niveau van individuele uitspraken van de president is er voor de schrijvers van al deze boeken geen beginnen aan. Achter elk citaat van hem zouden ze kunnen schrijven of het klopt en zo nee, waarom niet. Of zoals Stephanie Grisham vaak zegt na een uitspraak van haar baas of een van diens medewerkers: ‘WTF?’

Sensationele wending
Net als Alleen ik kan dit behandelt Peril het hele jaar 2020. Daar valt veel voor te zeggen, want zowel de reactie op de coronapandemie als de reactie op de verkiezingen is een historische gebeurtenis. Het betekent wel dat de lijvige boeken bij tijd en wijle heel erg lijvig voelen. Vooral Alleen ik kan dit en ‘Frankly, We Did Win This Election’ van Wall Street Journal-journalist Michael C. Bender lezen vaak als een almanak. Dan nog, bij alle feitelijkheid, kunnen verschillende auteurs met een verschillende lezing van dezelfde gebeurtenis komen.

Een sensationele wending tijdens de uitslagenavond van 3 november was het moment waarop Rudy Giuliani, persoonlijk advocaat van Trump, in het Witte Huis begon te roepen: ‘Zeg gewoon dat we gewonnen hebben.’ Daarmee zette hij Trump, voor zover dat nog nodig was, op een spoor waarop hij tot op de dag van vandaag voortraast: dat de verkiezingen hem zijn ontstolen. Het was het nieuwsfeit waarmee Leonnig en Rucker hun boek onder de aandacht brachten.

In Alleen ik kan dit gaat het zo: Giuliani zit met zijn zoon aan een tafeltje in het Witte Huis te staren naar de computer waarop de uitslagen binnen komen. ‘Na een tijdje veroorzaakte Rudy Giuliani beroering. Hij begon andere gasten te vertellen dat hij een strategie had voor Trump en hij probeerde in de residentie te komen om de president erover te vertellen’, schrijven Leonnig en Rucker. ‘„Zeg gewoon dat we gewonnen hebben”, zei Giuliani.’

Twee andere auteurs, Bender en Wolff, beschrijven hetzelfde incident. Zij situeren de openbaring van Giuliani echter op een later moment in de nacht, namelijk als Fox News heeft gemeld dat Biden de staat Arizona heeft veroverd, een nekslag voor Trump. Dat is een veelbetekenend verschil. Na zijn tweede, zeer matige boek over president Trump, Siege, had ik niet veel verwacht van Wolffs Aardverschuiving. Maar het valt mee. Ja, Wolff neemt nog altijd onbekommerd plaats in de hersenpan van iemand die hij niet gesproken heeft, zoals president Trump: ‘Doodziek werd hij van George Floyd.’ En ja, hij is nog altijd volkomen duister over zijn bronnen. In de verantwoording van Siege schreef Wolff dat hij bereid is genoegen te nemen met één bron om een bewering als feit aan te nemen. Hij komt er hier niet op terug.

Onafhankelijke waarnemers
Natuurlijk is het goed dat de andere journalisten werken volgens het principe één bron is geen bron, dat zij nauwgezet bevestiging zoeken voordat zij iets opschrijven. Maar dat wil niet zeggen dat hun bronnen onafhankelijke, objectieve waarnemers van het regime zijn. Ze maakten er deel van uit. Zij spraken met journalisten, zoals Bender in zijn voorwoord schrijft, ‘om zichzelf te beschermen, bezorgd dat als zij hun verhaal niet zouden doen, iemand anders dat wel voor hen zou doen.’

In Amerikaanse media is bijvoorbeeld Mark Milley, de hoogste militair van de VS, onthaald als een held. Hij heeft toch maar geweigerd het leger ondergeschikt te maken aan de wensen van president Trump. Hij bleef op zijn post om erger te voorkomen en belde de Chinese opperbevelhebber om hem ervan te verzekeren dat hij niet op een gril van Trump een oorlog zou ontketenen. Bron van deze heldendaden: generaal Milley, die de loper uitrolde voor iedere journalist die het regime van binnenuit wilde beschrijven en hem in ruil zou schoonpoetsen. Feiten over Milley worden meestal met deze formulering verantwoord: ‘…, zegt iemand die weet heeft van wat de generaal zei’.

Aardverschuiving is van de vier boeken beslist het leukst om te lezen. Het heeft te maken met het feit dat Wolff niet álles wil behandelen; hij beperkt zich tot Trumps op niets gebaseerde claim dat hij en niet Joe Biden de verkiezingen heeft gewonnen. Het heeft vooral te maken met Wolffs afkeer van gepeuter. De andere boeken lijden aan een vorm van bijziendheid. Als je alles noteert op de vierkante millimeter, wordt de vertelling vanzelf vlakker. Dan kun je nog zo je best doen om ieder personage kleur te geven (‘een matige basketballer’), niet iedereen kan even interessant zijn.

Geen lijn in Trumpisme
Wolff houdt altijd oog op het belangrijkste wat hij wil vertellen: dat Trump een licht ontvlambare, achterdochtige, niet heel slimme man is die geniet van de chaos die hij veroorzaakt en verder eigenlijk niet zoveel wil. Wolff schuift regelmatig in zijn boek de beschrijving van de gebeurtenissen even opzij om zijn eigen kijk op die gebeurtenissen te geven. ‘In de chaos van Trump [was] geen organisatie, hiërarchie, procedure, expertise of echte regelaar om – los van impulsieve wensen en uitspraken – wat dan ook te regelen.’ Wolff ergert zich aan journalisten die er meer van proberen te maken en wie alleen maar scène na scène beschrijft, wekt volgens hem de indruk dat er een lijn in het Trumpisme zit.

Misschien zit er inderdaad geen andere lijn in dan de wirwar van de opperchaoot. Maar intussen heeft de Republikeinse Partij zichzelf gezuiverd van anti-Trumpianen en steunt zij de leugen over de verkiezingsuitslag. In Republikeins-rode staten zijn kieswetten aangenomen die een herhaling van de nederlaag van 2020 moeten voorkomen. Deze week werd een Republikein tot gouverneur gekozen in een staat waar Biden vorig jaar nog won. Het zou zomaar kunnen dat de journalisten nog lang niet zijn uitgeschreven over president Trump.

05-11-2021 Bas Blokker

Bestanden bij dit product
Back to top