Je mag wel bang zijn, maar niet laf

Toni Boumans
23,99
Op voorraad
SKU
9789463821179
Besproken in NRC
Bindwijze: Paperback / softback
Levertijd 1-2 werkdagen Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen zonder account
Afbeelding vergroten
Productomschrijving
Eind negentiende eeuw besluit Popke Bakker, zoon van de kastelein van herberg De Drie Zwaantjes in Langweer, met zijn vrouw Dieuwke en hun negen kinderen – het zouden er vijftien worden – een garen- en-bandwinkel te beginnen in Buitenpost. De zaak P.S. Bakker wordt al gauw een begrip en groeit in de jaren die volgen uit tot een bekend modehuis in het noorden, met filialen in Leeuwarden en Groningen. De streng gereformeerde Bakkers zijn ook bestuurlijk en politiek actief. Van de kleinkinderen van Popke en Dieuwke zijn er enkelen homoseksueel, een geaardheid die ze vanuit hun gereformeerde achtergrond proberen niet te tonen. Couturier Sjoerd, zijn broers Albert, Popke en Dirk, en hun neef, uitgever Bert Bakker, spelen een prominente rol in het artistieke milieu van de late jaren dertig in Amsterdam. Na de inval van de Duitsers komen zij in verzet. Uiteindelijk zal Sjoerd, die de politie-uniformen maakte voor de aanslag op het Amsterdamse bevolkingsregister in 1943, met zijn verzetskameraden worden geëxecuteerd. Ook andere Bakkers wacht een dramatisch lot. Het is voor het eerst dat hun nazaten zich lieten interviewen over hun voorouders. Toni Boumans kreeg ook toegang tot veel persoonlijke documenten en schreef een onvergetelijk verhaal van een uitzonderlijke familie met een bewonderenswaardig moreel kompas.
Meer informatie
Auteur(s)Toni Boumans
ISBN9789463821179
BindwijzePaperback / softback
Aantal pagina's304
Datum van verschijning20210209
NRC Recensie4 ballen
Breedte151 mm
Hoogte231 mm
Dikte31 mm
NRC boeken recensie

Een bijzondere verzetsfamilie

Familiebiografie De Friese familie Bakker telde een keur aan fascinerende figuren, onder wie opvallend veel homoseksuele verzetshelden. Journalist Toni Boumans dook in hun verleden.

‘Als zo vaak hadden we het erover wie van ons de oorlog zou overleven. Toen moesten we Sjoerd en Tiky beloven dat wie het zou overleven aan de mensen moest vertellen dat homo’s niet noodzakelijk verwijfd hoefden te zijn.’ Een bijzonder verzetsoverleg in het naaiatelier van Sjoerd Bakker met Willem Arondéus, die Tiky werd genoemd, en anderen.

Zowel Arondéus als Sjoerd waren homoseksueel en mochten daar niet naar leven of over spreken. Niet alleen omdat voor Sjoerd het geloof het verbood, maar ook omdat de nazi’s hen achtervolgden.

Schrijver, radio- en televisiejournaliste Toni Boumans (1944) maakte al eerder documentaires over kunstenaar en verzetsman Willem Arondéus, de regisseur van de overval op het bevolkingsregister in Amsterdam. Couturier Sjoerd, die tot het vrienden-/verzetsgroepje rondom Arondéus behoorde, maakte voor die actie de politie-uniformen (en laarzen en petten). Op 27 maart 1943 ging een niet van echt te onderscheiden ‘marsformatie’ van acht man met een kapitein (Willem Arondéus) en een 1ste luitenant (Gerrit van der Veen) naar het bevolkingsregister aan de Plantage Kerklaan. De bewakers werden gedrogeerd en het hele gebouw, met de persoonsgegevens van Joodse Amsterdammers, in brand gestoken. Missie geslaagd, maar de groep werd opgepakt en elf van hen werden ter dood veroordeeld.

Boumans werd door de verhalen rond Arondéus nieuwsgierig naar ‘kleermaker’ Sjoerd. Toen ze met familieleden sprak bleek het verhaal groter, wat resulteerde in Je mag wel bang zijn, maar niet laf.

Sjoerd kwam uit een zeer gereformeerd gezin uit Friesland met negen kinderen. Toen het oudste kind, Popke, dertien jaar oud was en de jongste, Maaike, nog een baby, overleed hun moeder Trijntje (37) aan borstkanker. Vader Miente nam verschillende huishoudsters in dienst, maar die waren óf niet goed voor de kinderen óf ze waren erop uit ‘hem te trouwen’. Na rijp familieberaad werd besloten, het staat er echt, ‘het gezin op te heffen’. De negen kinderen gingen alleen of in groepjes naar de grootmoeder, een oom, een kinderloze tante of familie in Rotterdam.

Kunstenaarskringen
Niet zozeer het grote gezin sprak Bouman tot de verbeelding, als wel het feit dat alle zonen later zowel (‘latent’) homoseksueel bleken te zijn geweest als in het verzet hadden gezeten. De jongens probeerden vanuit hun gereformeerde achtergrond, ‘met Gods hulp’, een ingehouden leven te leiden en hun geaardheid te verbergen: niet opvallen en er niet over praten leek het devies. De oudere jongens spraken er wel over met de jonge jongens, maar echte correspondentie over hun geaardheid is niet bewaard gebleven. Ze trouwden of verloofden zich, en verkeerden in Amsterdamse kunstenaarskringen, waar homoseksualiteit tenminste bespreekbaar was. Zo ook met de openlijk homoseksuele Arondéus in wiens gezelschap zowel Popke, Sjoerd als Albert verkeerden.

Alleen in 1943, toen Sjoerd zich na de overval op het bevolkingsregister moest verantwoorden voor een Duitse rechtbank, verklaarde hij dat hij ‘op zijn zestiende merkte dat hij homoseksueel was, dat hij er met zijn vader over sprak, dat hij er tegen streed en dat hij, zonder resultaat, onder doktersbehandeling was’. Sjoerd was toen 28 jaar en werd met elf verzetsvrienden ter dood veroordeeld en geëxecuteerd. Deze verklaring werd opgetekend door een medegevangene die briefjes de gevangenis uit wist te smokkelen.

Boumans wilde de lezer niets onthouden van het treurige verloop van de levens van familie en aangetrouwde leden

Boumans gaat in sneltreinvaart en met korte zinnen door de levens van alle kinderen, vooral die van de broers en hun vader Miente, die zelf uit een gezin van zestien kinderen kwam. Maar ook van hun ooms (Paul Bakker die een drukkerij had aan de Lijnbaansgracht in Amsterdam en in de oorlog het meeste illegale drukwerk verzorgde), neven (uitgever Bert Bakker) en de grote (artistieke) vriendenkring van de broers (zoals dichter Ed. Hoornik, tekenaar Cees Bantzinger, beeldhouwer Gerrit van der Veen) passeren de revue. De biograaf kon veel persoonlijke archieven inzien en maakte dankbaar gebruik van andere biografieën, wat een enkele keer neigt naar overdaad. Boumans wilde de lezer niets onthouden van het treurige verloop van de levens van familie en aangetrouwde leden.

Zo is een bijzondere rol weggelegd voor de familie Okma in Den Haag, die woonde aan de Citroenstraat. Dirk Bakker, die zijn vader op zijn veertiende in vertrouwen vertelde dat hij zich ‘anders’ voelde, trouwde met Trijntje Okma nadat psychiater Waterink hen dat adviseerde toen ze met Dirks twijfels over zijn geaardheid bij hem waren geweest. De familie Okma, een weduwe met nog twee volwassen dochters, had vijf onderduikers in huis en gaf met gemak ook Trijntje, Dirk en twee kinderen onderdak toen Dirk uit Groningen de arbeidsinzet ontvluchtte. Dirk had al een zware tijd achter de rug; eerst negen maanden in het Oranjehotel in Scheveningen wegens spionagewerk en daarna lange tijd in Kamp Amersfoort.

Onvoorstelbaar
Dat na Sjoerd ook Popke, Dirk, Albert en Lammert tragisch om het leven kwamen, is al ongelooflijk, maar dat ook twee van de vier meisjes op jonge leeftijd (21 en 20) respectievelijk door ziekte en na een auto-ongeluk overleden, maakt het leed onvoorstelbaar. Daarom zijn de gesprekken met het oudste zusje Bauk Begemann-Bakker, die haar vijf broers en twee zussen overleefde, van veel waarde om het verleden van de kinderen Bakker in perspectief te zetten. Zij werd na het overlijden van haar moeder als achtjarige naar Rotterdam gebracht en verhuisde pas na de huishoudschool terug naar ‘huis’ in Leeuwarden. Toen vader Miente hertrouwde, trad ook zijzelf snel in het huwelijk en ging in Leiden wonen, waarvandaan zij goed zicht had op het leven van haar broers. Al betrokken die haar niet bij het verzetswerk.

Een andere belofte die de oudste zoon Popke en dichter Bertus Aafjes elkaar deden, was om vijf jaar na de bevrijding honderd zwanen vrij te laten in de grachten van Amsterdam en tienduizend rozen te planten in de plantsoenen. Die belofte zou ook 76 jaar later nog ingelost kunnen worden – al was het maar ter nagedachtenis van álle afstammelingen van deze op bijzondere wijze tot leven gebrachte familie Bakker.

26-03-2021 Margot Poll

Bestanden bij dit product
Back to top