Slijpen aan de geest

John Kroon
39,99
Op voorraad
SKU
9789044641318
Besproken in NRC
Bindwijze: Hardcover

De geschiedenis van 50 jaar NRC Handelsblad

Lees meer
Levertijd 1-2 werkdagen Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen ook zonder account
Afbeelding vergroten
Productomschrijving
Op 1 oktober 1970 verscheen in Nederland een nieuwe krant: NRC Handelsblad. Het resultaat van een fusie tussen twee oude dagbladen, beide opgericht in de negentiende eeuw, die ten onder dreigden te gaan. NRC Handelsblad bestaat nu vijftig jaar en ontwikkelde zich na een moeizame beginfase tot een krant die op de golven van de tijdgeest bleef zoeken naar de nuance. De ‘Slijpsteen voor de geest’, de slogan waarmee de krant zich een tijd lang afficheerde, bleek in het ontzuilende Nederland in een behoefte te voorzien. Het dagblad mikte met succes op de hoger opgeleide Nederlanders – en verder op iedereen die ‘bereid is na te denken’. In de afgelopen halve eeuw veranderde er veel bij de krant. Wat bleef was de liberale geest, zoals vastgelegd in ‘Onze beginselen’, die in 1970 werden geformuleerd en onverminderd bleven gelden. Bovenal bleef NRC Handelsblad journalistiek bedrijven die de krant soms in botsing bracht met de buitenwacht, zoals het Koninklijk Huis en de aanhangers van de politicus Pim Fortuyn. In Slijpen aan de geest beschrijft John Kroon de journalistieke geschiedenis van NRC Handelsblad, de interne en externe ruzies, plagiaataffaires, de rol van uiteenlopende columnisten als J.L. Heldring, Youp van ’t Hek, H.J.A. Hofland en Thierry Baudet, stakingen die geen stakingen mochten heten en rechtszaken die de krant meestal won.
John Kroon (1952) werkte dertig jaar als journalist in verschillende functies bij NRC Handelsblad, onder andere als adjunct-hoofdredacteur en commentator. Hij is redacteur van het wielertijdschrift De Muur.
Meer informatie
Auteur(s)John Kroon
ISBN9789044641318
BindwijzeHardcover
Aantal pagina's384
Datum van verschijning20210129
NRC Recensie3 ballen
Breedte155 mm
Hoogte235 mm
Dikte43 mm
NRC boeken recensie

Vijftig jaar NRC: hoe de wereld een ‘meneer’ veranderde

Persgeschiedenis Ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van NRC Handelsblad schreef John Kroon een geschiedenis van die krant, die ondanks de tand des tijds haar liberale beginselen wist te handhaven.

De krant is een wonder. Ga maar na: zij is een gezamenlijk product van honderden mensen dat toch een onmiskenbare identiteit heeft. In naam is er een hoofdredacteur, maar die staat boven een verzameling van eigenzinnige individuen die allemaal kapitein zijn, al is het maar in eigen badkuip, om met de legendarische journalist Martin van Amerongen te spreken. De krant gaat over politiek en maatschappij, Nederland en de wereld, economie en gastronomie, literatuur en voetbal, hoge kunst en het gewone leven – waar gaat zij eigenlijk níet over? En zij moet elke dag in een race tegen de klok worden gemaakt, waarbij er alles op alles wordt gezet om het nieuwste nieuws nog even mee te nemen.

Toen NRC Handelsblad, de fusie tussen twee kwakkelende liberale avondbladen, op 1 oktober 1970 voor het eerst verscheen was de krant nog een heer van stand. De redactie was een mannenbolwerk, de eerste hoofdredacteur, André Spoor, een ‘keurige meneer’ die zich in de ‘betere’ kringen ophield, al werd hij ook als bohémien getypeerd. Toen de latere kunstredacteur Lien Heyting in 1967 solliciteerde bij het Algemeen Handelsblad stond er in het afwijzingsbriefje: ‘De redactie bestaat namelijk uitsluitend uit mannelijke journalisten, daar de hoofdredacteur bezwaar heeft tegen vrouwelijke medewerksters.’ Bij de fusiekrant was het aanvankelijk nauwelijks anders.

Die heer van weleer kende ook de permanente tijdsdruk van het laatste nieuws en de dagelijkse productie, maar na het lezen van Slijpen aan de geest. De geschiedenis van vijftig jaar NRC Handelsblad die John Kroon, van 1986 tot 2016 journalist van deze krant, optekende, blijft je vooral bij hoe de wereld om de krant heen veranderde en er een weerslag op had. De digitale revolutie maakte dat de typemachine, de buizenpost en de zetterij plaatsmaakten voor de computer, het wereldwijde web en digital first. Werden in het begin van de jaren negentig het toenemende televisieaanbod en het nieuw aangebroken ‘zap-tijdperk’ nog als bedreiging gezien, in de 21ste eeuw is dat de informatieoverdaad van internet en sociale media. En werkten NRC Handelsblad-redacteuren vroeger alleen voor de avondkrant, nu zijn daar een ochtendkrant en een website bijgekomen, waardoor de productie een voortdurend vloeiend proces is geworden en papier geen prioriteit meer is.

Boze brieven
De krant als meneer kon ook op een beschaafd weerwoord van zijn lezers rekenen als hij hen ontriefde; met name sommige columns zorgden voor véél boze brieven, maar dat is geen vergelijk met de storm die nu kan opsteken als de krant een uitglijer maakt. Zo’n storm kan dagen, zo niet weken aanhouden, zoals na de berichtgeving over het ski-ongeluk van prins Friso in 2012, waarbij de krant zich afvroeg hoe zijn brein het zou houden, op basis van onduidelijk verkregen informatie van een arts die hem niet behandelde. De mondige burger praat steeds nadrukkelijker terug; de krant legt steeds openlijker verantwoording af.

Inmiddels bestaat een groot deel van de NRC-journalisten uit vrouwen. In 2006 kopte nrc.next trots: ‘NRC wordt een mevrouw’, toen Birgit Donker de eerste vrouwelijke hoofdredacteur werd van een landelijke krant. Nu woedt het identiteitsdebat niet alleen in de kolommen maar ook op de burelen en moet de krant ervoor ijveren dat de redactie ook in andere opzichten een afspiegeling van de samenleving is.

In zijn ‘Woord vooraf’ stelt Kroon dat hij heeft geprobeerd de feiten zo exact mogelijk weer te geven en zich zoveel mogelijk van een mening te onthouden – geheel volgens het adagium van de krant dat feiten en meningen gescheiden moeten worden. ‘Wie een rode draad zoekt’, schrijft hij, ‘zal die niet vinden, anders dan dat de krant altijd bezig was zich aan de tijdgeest aan te passen met als onwrikbaar uitgangspunt de lezer zo goed en zo eerlijk mogelijk te bedienen met haar kerntaak: het brengen van nieuws en achtergronden voor een publiek dat, zoals in de beginselen van NRC Handelsblad staat, bereid is na te denken.’

In de kroeg
Inderdaad biedt Slijpen aan de geest vooral veel. De chronologische geschiedenis die wordt verteld aan de hand van de zeven hoofdredacteuren die de fusiekrant heeft gehad, wordt telkens doorbroken door lange en soms kortere terzijdes over aspecten die de krant bepalen. Van veranderende eigenaren tot de cartoonisten; van de huisvesting in het Rotterdamse stadshart waar op den duur de ratten over de bureaus liepen via de winderige Alexanderpolder naar hartje Amsterdam tot hoe de krant berichtte over de oorlog in Joegoslavië; van de speelse kunstjournalistiek in het CS onder K.L. Poll tot interne ruzies en conflicten met buitenstaanders die soms tot in de rechtszaal werden uitgevochten. En dan zijn er nog de vele fameuze journalisten en publicisten uit de historie van de fusiekrant die de revue passeren: van mr. J.L. Heldring, H.J.A. Hofland en J.M. Bik tot Rudy Kousbroek, Marjoleine de Vos, Bas Heijne en Paul Scheffer. Het maakt het boek wat opsommerig, maar het zijn die ‘beginselen’, de liberale geesteshouding van de krant, die wel degelijk een rode draad vormen.

Het mag, als je over het begin van de fusie leest, een wonder heten dat NRC Handelsblad zo’n succes is geworden. De Amsterdamse Handelsblad-redacteuren, die zich baadden in de geest van de jaren zestig, zagen hun NRC-collega’s ‘als een groep ambtenaren die met hun rechterhand streepjes onder de hoofdletters van de persbureaukopij zetten en met de linkerhand een boterham uit een trommeltje aten’, aldus André Spoor. De Rotterdammers vonden de Amsterdamse journalisten ‘een stelletje lorren die de hele dag in de kroeg hangen en achter de meiden aan zitten’. Spoor voegde eraan toe dat beide typeringen niet helemaal onjuist waren. Of zoals de latere hoofdredacteur Wout Woltz, afkomstig van het Handelsblad, het kernachtig formuleerde: ‘Wij zagen hen als muffe historici, zij ons als idioot lichtzinnige rebellen.’

Glossy
Het was een tweespalt, die zonder het nu direct aan de afzonderlijke fusiepartners op te hangen, in de geschiedenis van de krant terugkeert. Hoofdredacteur Spoor wilde een ‘kwaliteitskrant’ (toen nog een nieuw begrip) maken naar het voorbeeld van Le Monde en The New York Times, die liever ‘moeilijk’ was dan vol ‘gezellige stukjes’ stond. Zijn opvolger Woltz vond dat de krant ‘emotioneler’ mocht. Hoofdredacteur Ben Knapen stelde dat er naast de ‘leeslast’ voldoende ‘leeslust’ moest zijn. En Peter Vandermeersch pleitte er hartstochtelijk voor dat de krant niet alleen het hoofd maar ook het hart en de buik van de lezer zou bedienen.

Henk Hofland kon vrolijk roepen: ‘Primeurs, het is allemaal gelul’

Die strijd tussen hoofd en hart, om het zo maar samen te vatten, resulteerde in allerhande bijlagen als Leven et cetera en Lux en glossy magazines, die vooral aantoonden dat ernst de ‘doctorandussenkrant’ meer lag dan lichtheid. Net zo goed als beschouwen en analyseren voor de redactie vaak een natuurlijker attitude was dan achter nieuws aanjagen. Ook de strijd tussen beschouwing en verslaggeving is een constante. Terwijl verschillende hoofdredacteuren ijverden voor meer nieuws en eigen onderzoek, kon Hofland vrolijk roepen: ‘Primeurs, het is allemaal gelul.’ Het waren tegenstellingen die de debatten op de redactie aanjoegen en maakten dat de krant zich steeds weer wist te plooien naar de tijdgeest.

De geschiedenis van vijftig jaar NRC Handelsblad laat bovenal zien dat het wonder dat de krant is zich steeds weer voegt naar nieuwe tijden. En dat bij alle metamorfoses die dat ongrijpbare collectieve product onderging de onmiskenbare identiteit is blijven bestaan. Daar eindigt Slijpen aan de geest ook mee: het lijkt erop dat de digitale revolutie is overleefd, de tijd van ‘dode bomen’ is voorbij, lezers betalen ook graag voor ‘content’, het aantal abonnees groeit, de krant heeft de toekomst. Op naar de volgende vijftig jaar.

2021-02-05 Xandra Schutte

Bestanden bij dit product
Inkijkexemplaar.pdf (265.42 kB)
Back to top