Zo doen vogels dat

Jennifer Ackerman
27,50
Op voorraad
SKU
9789044645910
Besproken in NRC
Bindwijze: Paperback / softback
Voor 23:00 besteld, morgen in huis Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen zonder account
Afbeelding vergroten
Productomschrijving
In de afgelopen jaren hebben wetenschappers het mysterie van het gedrag van vogels steeds verder ontrafeld. Het traditionele beeld van hoe vogels communiceren, voedsel zoeken, zich voortplanten en overleven is daardoor drastisch veranderd. Ook is er steeds meer kennis over de opmerkelijke intelligentie die achter deze activiteiten schuilt – vaardigheden die ooit als alleen menselijk werden gezien: misleiding, manipulatie, bedrog, ontvoering, maar ook slimme communicatie tussen soorten, samenwerking, altruïsme, cultuur en spel.
Sommige van deze buitengewone gedragingen lijken biologisch onverklaarbaar en nopen ons ertoe ons beeld van vogels drastisch bij te stellen: een moedervogel die haar eigen jongen vermoordt, vogels die stelen, vogels die dansen, vogels die zichzelf beschilderen en vogels die een geluidsmuur opbouwen om buitenstaanders weg te houden.
Met behulp van de meest recente wetenschappelijke inzichten, haar eigen ervaringen en haar vogelreizen over de hele wereld neemt Jennifer Ackerman je mee in de wondere wereld van het leven van vogels, dat divers en ongelooflijk fascinerend is.
Jennifer Ackerman (1959) schrijft al bijna dertig jaar over wetenschap, natuur en biologie. Ze publiceert regelmatig in Scientific American, National Geographic en The New York Times. Haar boek De genialiteit van vogels (2017) was een wereldwijde bestseller.
‘Ackermans enthousiasme en liefde voor dit onderwerp blijken duidelijk uit haar manier van schrijven. Met haar fantastische verhalen schildert ze een rijk tafereel dat tot de verbeelding van de lezer spreekt en maakt daarmee lastig te begrijpen onderzoek toegankelijk voor velen.’ Science Magazine
‘Net als een prieelvogel laat Ackerman allerlei verbazingwekkende en verrukkelijke schatten zien, om vervolgens de verhalen van wetenschappelijk onderzoekers voor het voetlicht te brengen. (...) Ackerman vraagt bovendien op verfrissende wijze aandacht voor een aantal vrouwelijke onderzoekers.’ The Wall Street Journal
‘Zij beschikt over het wonderbaarlijke talent om het karakter en de persoonlijkheid van verschillende soorten te vangen in een speels proza waarin de vertrouwde grenzen tussen mens en vogel verder worden afgebroken.’ The Daily Telegraph *****
Meer informatie
Auteur(s)Jennifer Ackerman
ISBN9789044645910
BindwijzePaperback / softback
Aantal pagina's384
Datum van verschijning20201030
NRC Recensie4 ballen
Breedte137 mm
Hoogte213 mm
Dikte35 mm
NRC boeken recensie

De onuitputtelijke rijkdom van de vogelwereld

Vogels Twee biologen publiceerden een vogelboek, met geheel eigen aanpak. Van klassiek wetenschappelijk tot extreem fantasierijk: de rijkdom van de vogelwereld is onuitputtelijk.

Hersengymnastiek: zo heet een van de hoofdstukken uit Zo doen vogels dat van de New Yorkse natuurwetenschapper en bioloog Jennifer Ackerman. Dit hoofdstuk gaat over prieelvogels, waarvan er negentien soorten zijn, zoals de grijsnekprieelvogel die ‘de welverdiende reputatie (heeft) van een extreem personage binnen een familie van extreme vogels.’

Onderzoekers in Australië hebben ontdekt dat het prieelvogelmannetje een vrouwtje het hof maakt door een prieeltje in te richten met onder meer 1300 botten en schelpen. Maar het kan nog fanatieker: zijn neef de satijnblauwe prieelvogel legt zijn ‘schouwtoneel’ vol met fonkelende scherfjes glas, lipjes van bierblikjes, stukjes kapotte sieraad, rietjes. De prieeltjes zelf zijn geen nesten, het zijn ‘verleidingstheaters, podia die de mannelijke prieelvogels tot decor dienen voor de zang en dans waarmee ze hun vrouwelijke bezoekers proberen te behagen.’

Ackermans boek, met als ondertitel Een nieuwe kijk op het praten, werken, spelen, opvoeden en denken van vogels, is niet minder uitzinnig dan de beschreven vogels zelf. De lezer moet inderdaad hersengymnastiek verrichten om al die soorten, die voornamelijk in Australië maar ook elders voorkomen, enigszins in het vizier te houden. Namen als goudkuiftuiniervogel, textorwever en maskerwever, gouden grondspecht, ornaatelfje, rosse spotlijster, oranjeborsthoningzuiger en vlekborstmiervogel buitelen over elkaar heen, de een nog excentrieker dan de ander in verleidingskunst, nestbouw, gedrag, opvoeding van de jongen.

Versteld
Wie gewend is min of meer ‘klassieke vogelboeken’ te lezen, staat op elke bladzijde van Ackermans boek versteld: nooit geweten dat het bouwen van een nest samenhangt met ‘neurale netwerken en het beloningssysteem’.

‘Er is een heleboel dat wij niet weten’ citeert Ackerman terecht een collega-ornitholoog. Hiermee lijkt ze voor zichzelf te rechtvaardigen dat haar boek wel een zeer buitenissig vogelboek is. Stel daartegenover de vogelmonografie De zeearend van bioloog en wetenschapsjournalist Nienke Beintema: één boek over slechts één vogel, de grootste roofvogel van ons land die sinds vijftien jaar een spectaculaire rentree maakt. Met als hoogtepunt het jaar 2020: twintig broedparen en 22 uitgevlogen jongen.

Hoe kan dat? In de vorige eeuw immers werd de zeearend (Haliaeetus albicilla) nog verdelgd, nu omarmt elke natuurliefhebber de goudbruine vogel met zijn imposante haaksnavel en witte staart.

Dat is de paradox die Beintema in dit klassieke vogelboek uitwerkt. Klassiek in de betekenis van haar werkwijze: na een persoonlijke beschrijving van de zeearenden boven de tuin van de auteur in Alaska zag ze, na haar terugkeer in Nederland, hier de verrassende groei van de populatie. Eerst bleven de vogels overwinteren, daarna kwamen ze tot broeden. Wat is de geheime kracht achter dit succes in een aangeharkt, overbevolkt en steeds natuur- en vogelarmer land? Op wetenschappelijke wijze analyseert ze dat proces.

Oostvaardersplassen
Gebieden als de Biesbosch en Oostvaardersplassen zijn van cruciale betekenis voor de populatiegroei, maar ook de IJsseldelta en de Weerribben. De zeearend zou een ‘iconische vogel’ van de nieuwe natuur kunnen noemen met veel moeras, bevers, ruigte. In dit opzicht is Beintema’s boek ook een boek over hedendaagse natuurontwikkeling, waarin meningen keihard tegen elkaar botsen.

Een dieptepunt in die hele ontwikkeling is dat de Oostvaardersplassen geen verbinding kregen met andere natuurgebieden, er kwam een hek omheen, mede omdat staatssecretaris Henk Bleker (CDA) in 2011 ‘met de botte bijl het natuurbeleid kwam hervormen’, zoals Beintema stelt.

Iedereen kent hiervan de gevolgen, inclusief het hek: de grote grazers gingen dood, er ontstond consternatie onder natuurliefhebbers. Het gebied blijkt allesbehalve ‘interessante natuur’ of ‘echte natuur’, aldus respectievelijk hoogleraar natuurbeheer Frank Berendse en roofvogeldeskundige Rob Bijlsma, die Beintema uitvoerig citeert.

En dan is daar de machtige zeearend die in Beintema’s boek boven alle partijen zweeft. Van Alaska tot zelfs in de Amsterdamse Waterleidingduinen observeert en volgt zij zeearenden, voor haar het levende bewijs ‘dat de natuur op de gekste momenten opeens met verrassingen kan komen.’

Voor de lezer bieden beide boeken eveneens grote verrassingen: of het nu gaat over een prieelvogel die nauwelijks 100 gram weegt of de zeearend van bijna 5 kilo, er is in de woorden van Nienke Beintema ‘altijd zo veel prachtigs om je heen.’ Hieruit spreekt ook bezorgdheid over de toekomst van de natuur, een thematiek die bij Ackerman geheel ontbreekt. Haar onderzoeksgebied beslaat de kennelijk onbedreigde faunaweelde van Australië.

Twee biologen die op geheel verschillende manieren werken, van klassiek wetenschappelijk tot extreem fantasierijk, en zo telkens weer een ander facet tonen van de onuitputtelijke vogelwereld.

02-07-2021 Kester Freriks

Back to top