In het labyrint

Franz Kafka
22,50
Op voorraad
SKU
9789083237084
Besproken in NRC
Bindwijze: Hardback
Levertijd 1-2 werkdagen Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen ook zonder account
Afbeelding vergroten
Productomschrijving
Franz Kafka is de meester van het literaire fragment. De prozawerken die Kafka als voltooid beschouwde, beslaan nog geen tiende van zijn oeuvre. Door hem zijn we ons gaan beseffen dat er zoiets bestaat als een meesterlijk fragment. In het labyrint is samengesteld uit de omvangrijke Nachgelassene Schriften und Fragmente van Kafka, waarin letterlijk alle niet officieel gepubliceerde teksten zijn verzameld die hij heeft nagelaten. Deze selectie probeert in de eerste plaats toegankelijk te zijn; de opgenomen teksten zijn ‘leesbare’ stukken. Ze variëren van de flits van een idee die nauwelijks meer dan een regel in beslag neemt, tot een in detail uitgewerkte scène, tot een substantieel en vrijwel afgerond verhaal. Uit deze verhalen en fragmenten, die nooit eerder zijn vertaald in het Nederlands, blijkt eens te meer Kafka’s genialiteit: bij elk nieuw begin weet hij in enkele regels een wereld op te roepen die tegelijk herkenbaar en absurd is.
Meer informatie
Auteur(s)Franz Kafka
ISBN9789083237084
BindwijzeHardback
Aantal pagina's160
Publicatie datum20220929
NRC Recensie4 ballen
Breedte130 mm
Hoogte207 mm
Dikte22 mm
NRC boeken recensie

De flarden die Kafka naliet - waren die wel echt onvoltooid?

Literatuur Heeft het fragment als literaire vorm bestaansrecht? Bij Franz Kafka wel. In het klein zie je waar hij in het groot toe in staat was.

In een donker kamertje achterin een apotheek ligt een zieke vrouw. Een menigte staat bij haar bed en kijkt toe. Drie mensen hebben zich naar voren gedrongen, de arts die ook gekomen is vraagt aan het drietal wie zij zijn. Buren, zegt één van hen. De arts vraagt wat ze willen. ‘“Wij willen,” zegt de man, veel luider dan de arts –’

Hier stopt het een kleine vijf pagina’s beslaande verhaal ‘In de apotheek’ van Franz Kafka (1883-1924). Wat de mensen aan het ziekbed te zoeken hebben wordt niet onthuld, noch wie de vrouw is, wat die ‘menigte’ daar doet, waarom de arts zich zo-even nog tegen de apotheker heeft aangeklemd en de verkopers in de apotheek staarten uit hun broek hebben hangen.

Kafka wordt vaak beschouwd als de meester van het literaire fragment, van het onafgemaakte. Het grootste deel van zijn werk werd pas na zijn dood gepubliceerd, zijn roman Das Schloss breekt middenin een zin af. Van een andere bekende roman, Der Prozess, gaf Kafka tijdens zijn leven enkel de korte parabel Vor dem Gesetz in druk, van zijn eerste roman Der Verschollene (Amerika) verscheen alleen het eerste hoofdstuk. Kafka was, zo kun je concluderen, een schrijver die zijn verhalen niet per se voor een publiek schreef, of in ieder geval niet voor een publiek dat hij zou moeten zien te behagen.

In die geest is het niet gek om de fragmenten van nooit afgemaakte verhalen, schetsen van personages, losse ideeën, dialogen en stijloefeningen die Kafka deed te onderzoeken. Om het incomplete toch als compleet te beschouwen en te kijken wat dat oplevert. Was het wel onvoltooid? Is onze blik niet te beperkt als we dit werk lezen als aanzetten die nog afgemaakt moesten worden?

Bij uitgeverij Koppernik verscheen nu In het labyrint, nagelaten verhalen, een keuze uit een eerder in Duitsland uitgegeven selectie, vertaald door Ard Posthuma. Een verzameling fragmenten, variërend van niet langer dan een paar zinnen tot in detail uitgewerkte scènes en een nagenoeg afgerond verhaal.

Wat kan het onvoltooide aan een lezer communiceren? Hoeft de gedachtenflits, het fragment als literaire vorm, in zijn bestaansrecht niet onder te doen voor breed uitgewerkt proza? Posthuma beantwoordt deze vraag in zijn nawoord: nee, dat hoeft niet en Kafka bewijst dat. Posthuma maakte een keuze uit de fragmenten en voorzag ze van een titel, in stijl van Max Brod, vriend en biograaf van Kafka, die Kafka’s opdracht al zijn werk te verbranden negeerde en verantwoordelijk werd voor Kafka’s wereldwijde reputatie.

Macht en dreiging
De levendigheid waarmee Kafka schrijft, ook op de korte baan, is indrukwekkend. Hij introduceert een beroemdheid die uiteindelijk een chimpansee blijkt te zijn, grafkelders met lange gangenstelsels, een man die eigenlijk een balustrade is, een verlegen draak. Hij onderzoekt thema’s als de herkomst van macht, dreiging, verdwaling: alles is voorstelbaar en aanvaardbaar. Kafka heeft weinig inleiding nodig: met één zin zijn we middenin een verhaal. Zoals in het zeer korte stuk ‘De wagen’, dat zo begint: ‘Als je steeds vooruit blijft lopen, badderend in de lauwe lucht, je handen naast je als vinnen, en in de dommel der gehaastheid alles waar je langskomt vluchtig bekijkt, dan zul je op een keer ook de wagen aan je voorbij laten rijden.’

Juist omdat je weet dat je maar kort in Kafka’s verhaalwerelden kunt verblijven, soms maar een halve pagina lang, ben je bereid snel te anticiperen. Wagen? Wat voor wagen? Waarvandaan, waarnaartoe? Je neemt de gegeven omstandigheden, hoe absurd ook, voor waar aan. Mannen die ‘zweepheren’ zijn, een dier dat een mens wil dresseren, regen die onder een paraplu valt – er is geen ruimte voor aarzeling of achterdocht, het fragment vraagt een directe overgave aan zijn wetten en regels.

De fragmenten laten in het klein zien waar Kafka in het groot toe in staat was en om bekend werd. Groteske dialogen met surreële bewegingen die je op het theatrale af voor je ziet, de koele en registrerende toon waaronder altijd een spanning trilt die om kan slaan in poëtische overpeinzing. En hoewel Kafka’s stijl onomwonden en haast nonchalant voorkomt, ligt er vaak twijfel of beklemming onder. Zoals in het fragment ‘In het labyrint’, dat uit de volgende dialoog bestaat:

‘Waar is F.? Ik heb hem al tijden niet gezien.

F.? U weet niet waar F. is? F. is in een labyrint, hij zal er wel nooit meer uitkomen.

F.? Onze F.? F. met de volle baard?

Ja, die.

In een labyrint?

Ja.’

Intieme zoektocht
Soms is Kafka aan het uitproberen: het personage van het ene fragment wordt in het volgende fragment net anders neergezet, eenzelfde setting wordt in het ene fragment net anders beschreven dan in het andere, en ook in zijn beeldspraak is hij zoekende. In het ene fragment ‘lurken’ kinderen aan schunnige uitdrukkingen ‘omdat ze niets beters hebben’, in een ander ‘sabbelen’ kinderen aan schunnige uitdrukkingen ‘zoals zuigelingen aan een speen’. Het voelt intiem: hier mag je in Kafka’s oefenende schrijverschap ronddwalen, hier ben je getuige van zijn oefening.

De fragmenten worden duidelijk als fragmenten gepresenteerd, maar je kunt als lezer van dit boek niet anders dan ze ook als geheel beschouwen, als ‘eindig’. Er is geen vervolg, maar je kunt niet voor eeuwig in een fragment blijven hangen, je leest door, en dus beëindig je iets. Dat voegt iets toe, vooral aan de fragmenten die kort en weinig verhalend zijn, namelijk een poëtische lading; betekenis die niet Kafka maar de lezer bepaalt.

Bijvoorbeeld bij het fragment ‘In stilte’: ‘Het is niet noodzakelijk dat je het huis uit gaat. Blijf bij je tafel en luister. Luisteren hoeft niet eens, alleen wachten. Zelfs wachten hoeft niet, wees volkomen stil en alleen. De wereld zal zich aan je presenteren om ontmaskerd te worden, ze kan niet anders, verrukt zal ze voor je liggen kronkelen.’

Is de wereld in dit fragment een hoopvolle plek, vanwege die ‘verrukking’, of lacht ze zich dood om de wachtende, eenzame mens? Wordt ons hier opgedragen onze mond te houden en mee te bewegen met wat ons overkomt, of staat er juist een ontmaskering te gebeuren, waardoor alles zal veranderen? Je kunt dit lezen als een fragment over onderwerping, maar of de wereld zich onderwerpt of juist de ‘je’, blijft in het midden. Wie is de ‘je’ eigenlijk – moeten we ons als lezer aangesproken voelen, of is er een onzichtbaar personage dat toegesproken wordt? Het is aan ons als lezer om antwoord te geven en precies daarin zit de betovering: er wordt niets uitgelegd of vervolgd, het fragment blijft open voor ons liggen – we kunnen ermee doen wat we willen.

En zo blijkt Kafka met zijn nagelaten fragmenten, door de vrijheid die het voltooid-onvoltooide ons geeft, poëzie te hebben geschreven.

02-12-2022 Iduna Paalman

Bestanden bij dit product
Inkijkexemplaar.pdf (457.57 kB)
Back to top