Hoe vrouwelijke bedriegers met hun leugens de regels van het ’taalspel’ veranderen
In haar nieuwe boek vertelt filosoof Aline D’Haese meeslepende verhalen over vrouwelijke bedriegers. Die verhalen verbindt ze vervolgens met diepe filosofische vragen die de lezer aan het denken zetten over waarheid en leugen.
„Er was eens een halssnoer dat bestond uit 647 diamanten. Voeg daar een koningin, een kardinaal, een prostituee en een op macht beluste gravin aan toe, en je hebt alle ingrediënten voor een politieke thriller”. Zo begint één van de waargebeurde verhalen over vrouwelijke bedriegers in Maskerade, het nieuwe boek van filosoof en docent klassieke talen Aline D’Haese. De politieke thriller die volgt stelt niet teleur. De op macht beluste gravin in kwestie is de Comtesse de la Motte (1756-1791): een illustere oplichtster die een onbetaalbare diamanten halsketting wist te stelen door zich voor te doen als koningin Marie Antoinette. D’Haese gebruikt deze geschiedenis, net als een schat aan andere voorbeelden van vrouwelijke bedriegers, om een filosofische blik te werpen op bedrog, gender en de maatschappij.
Dat Maskerade alleen over vrouwelijke bedriegers gaat, lijkt in de eerste instantie een arbitraire keuze. Mannen bedriegen toch net zo goed? Al snel wordt echter duidelijk dat er meer aan de hand is. Vrouwen zijn onderhevig aan andere sociale verwachtingen dan mannen, en hebben bij het manipuleren van andere mensen dus ook vaak andere middelen in handen: „Wanneer vrouwen zich voordoen als zorgzaam en empathisch, wordt dat vaker beschouwd als authentiek, in plaats van strategisch. Daardoor valt weerstand sneller weg”, aldus D’Haese.
Als voorbeeld neemt ze Anna Delvey, een bedriegster die zich tussen 2013 en 2017 ophield in de upper class van New York. Toen haar bedrog uitkwam werd het een sensatie: in 2022 lanceerde Netflix de op Delveys leven gebaseerde serie Inventing Anna. Delvey zelf had geen cent, maar wist door pure charme enorme hoeveelheden geld af te troggelen van haar ‘vrienden’. Toen ze een kunststichting oprichtte, The Anna Delvey Foundation, vermoedde niemand dat er achter de zogenaamde liefdadigheid een minder nobel doel schuilging: Delvey hield het geld gewoon zelf. Investeerders vertrouwden haar, ook al had ze inmiddels een spoor van onbetaalde rekeningen achtergelaten. Dat ze een vrouw is speelde volgens D’Haese een belangrijke rol in hoe lang ze met dit specifieke gedrag weg wist te komen. Haar filantropie en vriendelijke voorkomen sloten aan bij de verwachtingen die men, op basis van haar gender, op haar projecteerde.
Ouwehoerkunst
De hoofdstukken van Maskerade hebben ieder een eigen filosofisch thema. Delveys verhaal wordt door D’Haese onder het thema ‘taal’ geschaard. Met ouwehoerkunst van het hoogste niveau wist Delvey namelijk iedereen in te pakken. Na het vertellen van het verhaal plaatst D’Haese het voorbeeld van Delvey in een breder filosofisch perspectief: de theorieën van denkers als Ludwig Wittgenstein en J. L. Austin worden op de geschiedenis losgelaten. Op voortreffelijke wijze verkent D’Haese met behulp van Wittgensteins taalspel-theorie hoe Delvey met woorden een alternatieve werkelijkheid wist te weven waar haar rijke vrienden wel pap van lustten.
Nu kun je denken: Delvey loog gewoon, waarom moet Wittgenstein erbij worden gehaald om te begrijpen wat er is gebeurd? D’Haese is hier duidelijk over: liegen is een interessant filosofisch fenomeen. Wittgenstein laat zien dat wie liegt een andere taal gebruikt en daarmee ook een andere rol aanneemt. Neem de uitspraak „put it on my card”, een uitdrukking die iemand gebruikt om aan te geven dat hij of zij betaalt. In het geval van Delvey betekende dit iets anders: het was pure bluf. In plaats van een intentie om te betalen werd het bij haar een statussymbool, een valse geruststelling. Delvey wist zo de regels van het taalspel te veranderen. En hier houdt D’Haese het niet bij: we beloven allemaal weleens iets, en veel mensen overdrijven soms als ze een verhaal vertellen. Anna Delveys oplichterij is volgens D’Haese geen op zichzelf staand fenomeen, maar een waarschuwing voor hoe machtig woorden kunnen zijn.
Op deze manier verbindt D’Haese een reeks smakelijk opgeschreven geschiedenissen van vrouwelijke bedriegers met diepe filosofische vragen. Deze structuur werkt goed en houdt het boek van begin tot eind pakkend. Bovendien is het thema erg origineel: bij mijn weten zijn er geen andere boeken die een filosofisch perspectief bieden op vrouwelijke bedriegers. De filosofie van bedrog bevindt zich over het algemeen in een niche: de door filosoof Clancy Martin samengestelde essaybundel The Philosophy of Deceit (2009) is daarvan een zeldzaam recent voorbeeld, maar is slecht leesbaar voor wie geen filosofie heeft gestudeerd. D’Haese overstijgt de academische literatuur en zet met de combinatie van sensatieverhalen en toegankelijke filosofische beschouwingen de stap naar een breed lezerspubliek.
Filosofie als bedrog
Minder sterk is het einde van Maskerade. Na de geslaagde home run van listige vrouwen en filosofische thema’s wil D’Haese haar bevindingen in een nog breder perspectief plaatsen: de filosofie zelf wordt opgevoerd als een vorm van bedrog. Zo staan op de laatste paar bladzijden ineens zinnen als „De filosoof […] gebruikt het masker om het af te nemen en te laten zien dat elke waarheid al een vorm van verschijning is”. Omdat dit soort zinnen niet goed worden uitgelegd, valt de vergelijking tussen filosofen en bedriegers een beetje in het water.
Maar afgezien van dat allerlaatste stukje is dit boek een onverholen feest om te lezen. D’Haese onttrekt meeslepende verhalen aan de vergetelheid; van driekwart van de vrouwelijke bedriegers die ze bespreekt had ik nog nooit gehoord. Bovendien zet ze de lezer aan het denken over wat waarheid is. Want als onze blik op de wereld door taalspelletjes wordt gekleurd en genderrollen bepalen wie met welke leugens wegkomt, waar kunnen we dan nog zeker van zijn?
€ 24,90
Vanaf
Onze prijs
Adviesprijs aanbieder
Levertijd 1-2 werkdagenGratis thuisbezorgd
Omschrijving
Filosofische verkenning van vrouwen die zich vermommen, overdrijven of liegen – en daarmee de samenleving een spiegel voorhouden
Vrouwelijke bedriegers hebben iets onmiskenbaar fascinerends: een raadselachtige mix van manipulatie, overtuigingskracht en charisma. In Maskerade gebruikt Aline D’Haese het bedrog van mysterieuze figuren als Comtesse de la Motte, Elizabeth Holmes en Anna Delvey als invalshoek om filosofische thema’s uit te diepen. Ze verkent de grenzen tussen fictie en werkelijkheid en tussen leugen en constructie. Met hun bedrog ondermijnen deze vrouwen het dominante script over vrouwelijkheid, waarheid en geloofwaardigheid. Hun successen en mislukkingen onthullen de hypocrisie en zwakke plekken in sociale structuren, en leggen zo feilloos de tijdgeest bloot.
Aline D’Haese (1976) is docent klassieke talen en filosofie. Ze doet promotie-onderzoek naar de manier waarop vrouwelijke filosofen in de Grieks-Romeinse oudheid zelftranscendentie vormgaven via het onderwijzen van filosofie. Eerder schreef zij, samen met Frank Meester, De zijkant van de filosofie. Een dialoog in vrouwelijk denken (2021).