Black overlay

Telefonisch bestellen

Graag telefonisch producten bestellen?

088 - 572 05 72 

Op werkdagen van 8.00 tot 19.45 uur, op zaterdag van 11.00 tot 16.30 uur

Klantenservice

Wilt u contact met onze klantenservice?

088 - 572 02 02 

Op werkdagen van 8.00 tot 19.45 uur, op zaterdag van 11.00 tot 16.30 uur

Klantenservice@nrcwebwinkel.nl

Nachtroer

Charlotte Van den Broeck

Besproken in NRC
2

Schrijf een recensie

Bindwijze: Paperback / softback
 20,00
Levertijd: 1-3 werkdagen
Verzendkosten: € 1,95 per bestelling

Besproken in NRC

Nieuwe woorden om in harmonie te komen
Obe Alkema

Nieuwe woorden om in harmonie te komen | 19 jan. 2018

2

In Nachtroer, de tweede bundel van Charlotte Van den Broeck, treedt de dichter naar buiten. In de imponerende openingsafdeling is die beweging gedwongen, vanwege het stuklopen van een liefde. In deze reeks komt haar ragfijne gevoel voor ritme naar voren:

een goochelaar zaagt me in twee stukken en klapt me open naar het publiek, mijn lege romp onthuld na de nacht, na de slagwaarin ik generaal en sterveling werd, grond en organen verloorjou vergat door de trompetten van de optocht in mijbij het achteromkijken al zag ik hoe je je jas van de kapstok zou nemeneen klein finaal gebaar, de teleurgang tussen schouderbladen

In de gedichten uit deze cyclus rijgt de dichter herkenbare taal in rap tempo aaneen met als gevolg een voelbare verstikking. Het herkenbare wordt zo duister en verraderlijk, zoals het beeld van de goochelaar.

Het is echter jammer dat het dwingende en grillige in de rest van de bundel ontbreekt. Die gedichten krijgen veel meer ruimte om te ademen. Ter illustratie citeer ik het gedicht ‘Aquarium’ in zijn geheel:

Kijkin het raam van de hotelkamer waarachter de stad hijgt, trilt ons gezichthet is lillend blauw en bedrukt met vurige monden

niet ver genoeg gereisdom wat voorbij is te redeneren tot een verschijnselhet ligt tussen ons in, schreit om vorm en adem

en ik mag niet slapenik moet je bevrijden, nacht aan nachtzwem ik dezelfde punten aan elkaarniet eens tot sterrenbeeld

Deze gedichten verkrijgen hun vorm door het invoegen van rustpunten, zoals na ‘Kijk’ of wat ‘schreit om vorm en adem’. Er is hier geen verstikking, maar verstilling, ook omdat de gedichten witregels hebben en niet bestaan uit door komma’s aaneengerijgde beelden en regels.

Gevolg is echter dat deze gedichten minder urgent aanvoelen dan die eerste acht, waarin Van den Broeck beklemming en hoogspanning adequaat en krachtig weet te communiceren. Wat ze schrijft in ‘VII’, geldt voor de hele bundel: ‘iets in het vlees, uren na het schot nog, zal pulseren / tot ook dat op is, herinnering aan een hartslag’.Nachtroer vangt aan met woest en radeloos pulseren, maar lost uiteindelijk op in de vage herinnering.

Peddelen door liefdesverdriet
Obe Alkema

Peddelen door liefdesverdriet | 19 mei 2017

2

Indrukwekkend is de vlucht die Charlotte Van den Broeck genomen heeft sinds ze haar debuutbundel Kameleon naïef en bedeesd opende met de regels:

Sommige plaatsen zijn zo klein

dat ze in een vingertop passen.

Ik probeer te wijzen waar alles is geweest

maar ik weet het zelf nog amper.

Recentelijk werd tijdens de London Book Fair bekend gemaakt dat Van den Broeck een van de participerende auteurs is in het prestigieuze Europese uitwisselingsproject New Voices dat waarschijnlijk haar faam tot ver over de grenzen van het Nederlandse taalgebied zal verspreiden.

Inmiddels zijn we ook een bundel verder. Nachtroer heet haar tweede en vervolgt op logische wijze het traject dat zij met haar debuut inzette. Van den Broeck heeft haar stem gevonden. In beeldrijke poëzie zoekt ze de verwondering en verstilling:

leg wat je nog wilde wuiven terug in een roerloze hand

net nog zie je op je tippen achter je een overkant, net

in de verte een vogel nog en de rotspunt waar niemand

naartoe rende om aan de rand op zijn tippen te staan wuiven

De openingsafdeling, ‘Acht’, is het hoogtepunt van de bundel. Deze cyclus gedichten laten haar ragfijne gevoel voor ritme het beste zien. Ze peddelt hier haar lezers door golven van verlies en liefdesverdriet heen:

een goochelaar zaagt me in twee stukken en klapt me open

naar het publiek, mijn lege romp onthuld na de nacht, na de slag

waarin ik generaal en sterveling werd, grond en organen verloor

jou vergat door de trompetten van de optocht in mij

Wat deze cyclus zo goed maakt, is niet een inventief gebruik van metafoor of taal, want beide zijn eerder risicoloos, maar dat de dichter herkenbare beelden en taal ineenschuift met een hoger tempo en overtuigend gebrachte verstikking als gevolg.

In wat op deze cyclus volgt is dat dwingende er nauwelijks. De gedichten in de tweede helft, ‘Nachtroer’, krijgen van Van den Broeck de ruimte om meer te ademen in plaats van zoals in Kameleon de gedichten meer samengebald te schrijven. Dit leidt ertoe dat de gedichten die veelal op zichzelf staan, aanvoelen als hoogdravende oefeningen en bijgevolg indringende energie missen.

Een van de redenen daarvoor is de drang te verfraaien: de quasi-poëtische formuleringen en vondsten benadrukken alleen maar het poëtische dat het wil uitdrukken. Ik wil niet zeggen dat alles in een gedicht functioneel moet zijn, hou toch op. Ik ben ook niet tegen verfraaien, maar wel tegen een overvloed die de poëzie platlegt. Op elke pagina is wel iets gemaniëreerds te lezen: de regels ‘zoals adem bij inspanning soms onder de huid blijft hijgen’, of ‘onder me rolt de lijn van een kaart over in een straatnaam’, of ‘tot het licht niet langer tot ook het kijken / niets meer dan de richting van je ogen wordt’ (uit het vlakke gelegenheidsgedicht voor Remco Campert) accentueren alleen de pseudo-diepzinnige bewering die er gedaan wordt en het gezwollen effect ervan.

De regels met de herhaling van ‘tot…’ doen erg aan het werk van Peter Verhelst denken. Die associatie keert de hele bundel door terug door weglatingen en repetities. Maar Verhelst is vooral de dichter van geabstraheerde situaties en scènes, terwijl Van den Broeck veeleer anekdotischer aandoet:

Woensdagmiddagen in de woonkamer van bruine skai

grootmoeder stookte het huis ondraaglijk warm

over haar kleren droeg ze een roze kamerjas

waaronder dochters zich in dochters verdeelden

Gevolg daarvan is dat de sentimentele kracht die zo geloofwaardig en duidelijk voelbaar is in ‘Acht’, ontbreekt in het verdere verloop van Nachtroer. Van den Broeck laat ons eerst zo gulzig drinken, maar weet de blijvende dorst nadien niet meer te lessen.

Productinformatie

iets in het vlees, uren na het schot nog, zal pulseren tot ook dat op is, herinnering aan een hartslag welk dier hielden we ons voor te willen raken? we jaagden altijd al op elkaar in onszelf

Dit zijn gedichten als nomadische behuizingen. Het woord 'nachtroer', de naam van een Antwerpse nachtwinkel, vormt het vertrekpunt van deze tweede bundel van Charlotte Van den Broeck. De gedichten worden aangedreven door een diep verlangen naar ontheemding, verdwijning, naar een opgaan in de permanente stroom van het tomeloze leven.

Productkenmerken

ISBN 9789029510219
Auteur Charlotte Van den Broeck
Uitgever De Arbeiderspers
Datum uitgave 20170131
Lengte (in mm) 205
Breedte (in mm) 170
Dikte (in mm) 9
Aantal pagina's 88

Recensie van klanten

Schrijf uw eigen recensie

U recenseert: Nachtroer

  •  
    1 ster
    2 sterren
    3 sterren
    4 sterren
    5 sterren
    Beoordeling

* Vereiste velden