Over de berekening van ruimte IV
Wat een merkwaardig werkstuk is het toch, die in totaal zeven delen omvattende romanreeks van de Deense schrijfster Solvej Balle (1962). In de titel rept ze over ruimte, terwijl het in de boeken draait om tijd, waar het echte probleem van de personages dan weer van sociale aard is, want met wie kun je nog echt samenzijn als je je dag na dag, zoals de arme Tara Selter is overkomen, in dezelfde dag bevindt? Dat Balle, wier reeks her en der werd onthaald als een meesterwerk, zoveel pagina’s voor Over de berekening van ruimte uittrok, voelde in de eerste drie delen die in vertaling uitkwamen vooral als een al te bedaarde vorm van scherpstellen: jaja, die Tara van je zit vast in de tijd, maar waar wil je het daarmee nou eigenlijk over hebben, waar schrijf je naartoe nadat je dit in aanleg zo omvangrijke en ambitieuze uitgangspunt hebt aangeboord? Dat het Balle daarnaast aan logistieke vaardigheden ontbrak (als alles voor Tara hetzelfde is, waar bestaat dan de afwisseling uit voor de mensen die niet in de tijd gevangen zitten?) droeg ook al niet bij aan het lezersvertrouwen.
Het slot van deel drie was dan weer fris en hoopgevend. Na eindeloos gemijmer over waar ze dat nou toch aan te danken had, vastzitten in die verduivelde 18de november, nam Tara haar intrek in een afgelegen landhuis, waar zich al snel allerlei lotgenoten kwamen melden. Niet alleen was Tara hierdoor niet langer alleen en leek Balle eindelijk te gaan bouwen aan wat broodnodige sociale spanningen, het nieuwbakken clubje maakte zich ook op om de rest van de mensheid te gaan redden. Waarván was weliswaar nog niet helemaal duidelijk, maar het was fijn dat er zoiets als maatschappelijk engagement en sociale interactie in de lucht hing, want Tara’s solistische gepeins begon behoorlijk te vervelen.
Wat dat betreft komt de lezer van dit vierde deel bedrogen uit, want van de wereldreddende plannen komt maar weinig van de grond. Wel wordt er in het landhuis veel getafeld, geproost en vergaderd, waardoor het gezelschap niet alleen trekjes begint te vertonen van een woongroep die liever in de luwte des levens opereert, maar waardoor je je wederom gaat afvragen wat nou eigenlijk het hele probleem van deze mensen is. Och, ze klagen wel wat, maar dat gebeurt dan in zulke lauwe bewoordingen dat hun lot je maar niet aan het hart gaat en zich langzaam maar zeker een nogal chagrijnige gedachte aan je begint op te dringen: als er dan tóch mensen in een tijdlus moeten belanden, dan dit stel maar.
Want waar laat Balle ze over babbelen? Nou, over welke nieuwe woorden ze moeten gaan gebruiken nu hun situatie zo is veranderd bijvoorbeeld. Zo! Hebben die mensen geen familieleden of geliefden die ze missen? Moet je daar niet iets mee doen als schrijver? En ze blijven aankopen doen, de tijdgevangenen, maar waarvan? Zit dat banksaldo óók in een tijdlus, of wat?
Het is het manco van iemand die niet inziet dat een roman iets heel anders is dan een filosofisch of natuurkundig traktaat waarin er in alle rust over een abstractie als tijd nagedacht kan worden. Waarom zou je als romancier met mensen gaan werken als je niet van plan bent om die mensen, fysiek dan wel geestelijk, te activeren? Het zou onredelijk zijn om te verwachten dat een kunstwerk waarin de tijd en de tijdsbeleving een rol spelen altijd even spectaculair zou moeten zijn als in een film van Christopher Nolan, maar dit Deense beekje stroomt wel zo kalm dat ik heb besloten om de drie afsluitende delen links te laten liggen. Ik wens de tijd er niet langer voor vrij te maken.
In het vierde deel is er een nieuwe situatie ontstaan. Tara Selter woont in een groot huis in Bremen met een klein collectief van tijdgevangenen in 18 november, en naarmate de dagen verstrijken, komen er steeds meer mensen naar het huis. Het wordt langzaam duidelijk dat er wereldwijd veel meer mensen zijn die vastzitten op 18 november dan aanvankelijk werd gedacht. Het roept op termijn een reeks moeilijke ethische dilemma’s op voor Tara en haar lotgenoten.
Is het bijvoorbeeld een goed idee om je te concentreren op het helpen van mensen door ongelukken te voorkomen die op 18 november plaatsvinden, omdat je dezelfde dag al honderden keren hebt meegemaakt en daardoor de ongelukken in kaart kunt brengen en kunt proberen te voorkomen? Of moet je liever al je tijd besteden aan het ontsnappen aan de tijdcrisis? Of moet je aan de slag met het terugdringen van je grondstoffenverbruik, omdat het voedsel dat je als tijdgevangene consumeert uit de wereld verdwijnt en daardoor ontbreekt in supermarkten en restaurants als de dag zich de komende 24 uur herhaalt? De dilemma’s die ook zichtbaar waren in de vorige delen, krijgen nu een nieuwe urgentie omdat het aantal tijdsgevangenen enorm is toegenomen.
| Uitgever | Uitgeverij Oevers |
|---|---|
| Auteur(s) | Solvej Balle |
| ISBN | 9789493367180 |
| Bindwijze | Paperback |
| Aantal pagina's | 224 |
| Datum van verschijning | 20241029 |
| NRC Recensie | 2 |
| Breedte | 126 mm |
| Hoogte | 200 mm |
| Dikte | 22 mm |