Nederland op zijn mooist

Everhard Korthals Altes, Bram Vannieuwenhuyze
Normale prijs 99,50 Speciale prijs 69,50
30% Korting
Op voorraad
SKU
9789068688504
Besproken in NRC
Bindwijze: Hardback

ter introductie krijgt u €30,- korting op dit monumentale boek. tot 15 juli 2022 betaal je €69,50 i.p.v €99,50

Lees meer
Levertijd 1-2 werkdagen Verzendkosten € 2,95
  • Gratis binnen 14 dagen te retourneren
  • Veilige en makkelijke betaalopties
  • Aangesloten bij Thuiswinkel Waarborg
  • Makkelijk bestellen ook zonder account
Afbeelding vergroten
Productomschrijving

Dit boek biedt in meer dan duizend kaarten, stadsplattegronden, stadsprofielen, stadsgezichten dorpsgezichten, stadhuizen, kerken, kloosters en abdijen, kastelen en buitenplaatsen, poorten en marktpleinen een bijna alomvattend beeld van Nederland in de achttiende eeuw. Een ‘Grand Tour’ door de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, van Amsterdam tot Groningen en van Middelburg tot Maastricht. Honderden gravures, stadsplattegronden en kaarten van 319 steden en dorpen laten het achttiende-eeuwse Nederland op zijn mooist zien.

Met recht een monumentaal boek: groot formaat 25 x 35 cm, 576 pagina's, 1.100 illustraties en 3,5 kg wegend.

Centraal instaat de door Isaak Tirion vanaf 1738 uitgegeven 23-delige boekenreeks Tegenwoordige Staat der Vereenigde Nederlanden, de meest omvangrijke historischtopografische beschrijving van de gehele Republiek. In Nederland op zijn Mooist wordt voor het eerst het complete beeld- en kaartmateriaal van Tirions uitgaveproject in één groot overzichtswerk samengebracht.

Over de Tegenwoordige Staat der Vereenigde Nederlanden

Tussen 1738 en 1803 publiceerde Isaak Tirion de Tegenwoordige Staat der Vereenigde Nederlanden. De boekenserie van 23 delen had als doel alle historische, topografische en architectonische kennis over de Republiek van die tijd te documenteren. Korte tijd na de publicatie van de eerste paar delen van de Tegenwoordige Staat werd een serie uitgebracht met aanvullend beeldmateriaal als ondersteuning van de tekst van de Tegenwoordige Staat. Deze negendelige publicatie is bekend onder de naam Het Verheerlykt Nederland.

De publicatie van deze twee boekenseries past binnen een bredere maatschappelijke ontwikkeling. Tot en met de zeventiende eeuw verbond men het verzamelen van kennis vooral met het bestuderen van het werk van auteurs uit de Klassieke Oudheid, maar in de achttiende eeuw kwam de nadruk steeds meer te liggen op kennis die op eigen waarneming was gebaseerd. Er werd gepoogd om alle informatie systematisch te bundelen en encyclopedische collecties op te bouwen. Dat gebeurde onder andere op het gebied van de topografie en de natuurwetenschappen. Tirion betrok bij dit monsterproject tekenaars, graveurs en cartografen. Zij reisden door het hele land om zoveel mogelijk bezienswaardigheden ‘naar het leven’ te tekenen. De ter plaatse gemaakte schetsen werkten zij later in het atelier uit.

Tegelijkertijd ontstond ook een steeds grotere belangstelling voor het vaderlandse verleden, die ook invloed had op het topografische genre. Dat genre was al in de zestiende eeuw ontstaan vanuit de cartografie en de verbeelding van het landschap in de beeldende kunst, maar kende zijn grootste bloei in de achttiende eeuw. Het doel van het genre was het in beeld brengen van de door de mens in cultuur gebrachte omgeving. Onderwerpen waren bijvoorbeeld stads- en dorpsgezichten, kastelen en buitenplaatsen en andere “plaisante plaatsen”.

De combinatie van kennis gebaseerd op eigen waarneming en vaderlandsliefde was de belangrijkste reden voor het succes van de Tegenwoordige Staat en Het verheerlykt Nederland. (bron: TUDelft.nl/library)

Over de auteurs

dr. Everhard Korthals Altes doceert sinds 2015 kunstgeschiedenisaan de faculteit bouwkunde van de TUDelft. Hij studeerde kunstgeschiedenis aan de University of East Anglia en kunstgeschiedenis en Recht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij promoveerde in 2003 aan de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. Bram Vannieuwenhuyze studeerde geschiedenis aan de Universiteit Gent en verdedigde er in 2008 het proefschrift Brussel, de ontwikkeling van een middeleeuwse stedelijke ruimte. Nadien was hij werkzaam als doctor-assistent aan de Universiteit Gent en KU Leuven. Sinds 1 september 2015 is hij aangesteld als bijzonder hoogleraar historische cartografie aan de Universiteit van Amsterdam.

inkijkexemplaar
Meer informatie
Auteur(s)Everhard Korthals Altes, Bram Vannieuwenhuyze
ISBN9789068688504
BindwijzeHardback
Aantal pagina's560
Publicatie datum20220429
NRC Recensie4 ballen
Breedte255 mm
Hoogte350 mm
Dikte50 mm
NRC boeken recensie

Achttiende-eeuws Nederland, zo mooi als het nooit bestaan heeft

Nederlandse geschiedenis Boekhandelaar Izaak Tirion liet ongeveer 300 jaar geleden tekenaars het land door reizen voor een geïllustreerde beschrijving van Nederland. Een ‘bloemlezing’ laat nu zien hoe vredig Nederland erbij lag in de achttiende eeuw.

De wandelaar die omstreeks 1740 een tocht door Nederland maakte, moest niet verbaasd zijn als hij ergens op een stadsplein een heer op een klapstoeltje zag zitten. Ook kon hem of haar dat overkomen in de nabijheid van een kasteel of aan de oever van een rivier met het gezicht op een stad aan de overzijde. Hier zat een topografische tekenaar, die stad en land afreisde om steden, dorpen, kastelen, buitenplaatsen, voormalige kloosters en abdijen vast te leggen in zijn schetsboek. Dat deed hij in opdracht van de Amsterdammer Izaak Tirion (1705-1765), een gefortuneerde, doopsgezinde boekhandelaar die een groot, ambitieus project in zijn hoofd had. Dat project kwam neer op een meerdelige geïllustreerde beschrijving van Nederland. Hij had daarvoor niet alleen dit soort tekenaars ingehuurd, maar ook auteurs. De namen van die tekenaars zullen alleen nog bij liefhebbers bekend zijn, maar ze duiken toch nog geregeld op bij veilingen en op tentoonstellingen: Cornelis Pronk en zijn leerlingen Abraham de Haen en Jan de Beijer.

Die mannen doorkruisten systematisch het land en de schrijvers, onder wie de beroemde historicus Jan Wagenaar, schreven hun teksten, over zowel de geschiedenis als de actuele situatie van gewest, stad of dorp. Het hele project stond in een traditie van land- stads- en streekbeschrijvingen, die al vanaf het begin van de zeventiende eeuw populair waren. Maar geen was zo omvangrijk als dat van Tirion.

Het werk vorderde langzaam. Na Tirions dood zette zijn weduwe het werk nog tien jaar voort en daarna ging een consortium van boekverkopers er mee verder. De monumentale publicatie verscheen in 23 delen tussen 1738 en 1803 onder de titel Tegenwoordige Staat der Nederlanden. De reeks werd nog met negen delen aangevuld met enkele honderden afbeeldingen onder de naam Het verheerlijkt Nederland. De reizende tekenaars werkten hun schetsen uit in het atelier, waarna graveurs de tekeningen omzetten in etsen die voor de boeken werden gebruikt. De 875 topografische prenten en de 77 kaarten en stadsplattegronden zijn nu in één deel herschikt, uitstekend gereproduceerd en voorzien van hedendaagse informatieve bijschriften. De historische teksten zijn weggelaten; het is dus geen facsimile-uitgave.

Hoepelende kinderen
Het ‘verheerlijkt’ uit de titel vat het hele project goed samen. Want wat we zien is een verheerlijkt, geïdealiseerd, vredig Nederland. De onderwerpen zijn eerder zakelijk, documentair weergegeven – wat bij restauraties nog wel eens van pas komt – dan atmosferisch of schilderachtig. De tekenaars kozen voor een vast stramien: een lage horizon waarvoor de stadhuizen, de kerken, de schuttersdoelen, de marktplaatsen, de stadspoorten, de voormalige abdijen, en onnoemelijk veel kastelen of hun ruïnes, schuin van opzij oprijzen. Gebladerte en schaduwen geven aan dat het lente of zomer is. Het regent nooit. De zonnige sfeer is die van rust en stilte. Om het tafereel wat leven in te blazen voegden de graveurs bijpassende stoffage toe, dat wil zeggen kleine menselijke figuurtjes. Zo zien we wandelaars slenteren die elkaar een bijzonderheid aanwijzen. Elders vertonen zich hoepelende kinderen, vissers, marskramers, een varkenshoeder, een ruiter te paard, een koets. Al die personages blijven ondergeschikt aan de architectuur en behoeden de afbeeldingen voor een zekere routineuze saaiheid die juist het beeld van die zogeheten suffe Pruikentijd zou kunnen bestendigen. Uitgewerkte en vaak gekleurde tekeningen van deze kunstenaars zijn veel levendiger.

De algehele boodschap is een vorm van nationalisme, die verbeeld wordt in de titelplaat. Daar zit de personificatie van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden op haar troon. Uit de Oost en uit de West worden producten aangereikt. Ze wordt geflankeerd door vrouwen die de eendracht, de gerechtigheid, de godsdienst en de burgervrijheid voorstellen. Kijk toch eens hoe welvarend en vredig ons land erbij ligt, zegt die plaat. Niemand heeft haast, niemand maakt ruzie. Welvaart alom. Weliswaar valt op dat de steden uitgebreide vestingwerken hebben, maar in de jaren van die tekentochten heerste er vrede in de Republiek. Bewust is de keerzijde van die zonnige sfeer weggelaten. We komen geen sloppenwijken tegen, geen modderige wegen waarin je wagenwielen wegzakken, geen bedelaar of invalide, waar het toch van wemelde. Kortom het is een schoongeveegd Nederland dat ons hier wordt gepresenteerd.

Topograaf des vaderlands
De bezorgers hebben Tirions werk voorzien van uitvoerige inleidingen over de totstandkoming van de in totaal 32 delen. Zo laten ze zien dat - – niet verwonderlijk – Holland, Zeeland en Utrecht het best bedeeld zijn met afbeeldingen en dat het noorden er maar karig van afkomt. Ook maken ze duidelijk dat Cornelis Pronk, die de meeste tekeningen maakte en die we wel de topograaf des vaderlands mogen noemen, vooral werkte in Holland, Zeeland en Utrecht, Jan de Beijer in Utrecht en Gelderland en Abraham de Haen in de zuidelijke streken. Toch bleef hij ook wel dichter bij huis. Er bestaat een tekening van hem op een heuvel nabij het dorp Laren terwijl hij het wijdse uitzicht op de Eemvallei tekent. Hij had een mooi beroep, lijkt me.

20-05-2022 Roelof van Gelder

Back to top